Naar inhoud

Leegstand van bedrijven

In toepassing van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, gewijzigd bij decreet van 20 december 1996, dient het College van Burgemeester en Schepenen een lijst op te stellen van de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten, gelegen op haar grondgebied, die als basis zal dienen voor de inventaris.


Onder bedrijfsruimte wordt verstaan alle gebouwen met omliggende gronden die er één geheel mee vormen, minstens een oppervlakte van 5 are hebben en waar een economische activiteit wordt uitgeoefend. Een bedrijfsruimte staat leeg wanneer 50% van de vloeroppervlakte niet meer wordt benut en is verwaarloosd wanneer zij aan de buitenkant uitgesproken gebreken van algemene of beperkte omvang vertoont.

Wanneer een bedrijfsruimte wordt opgenomen in de inventaris van de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten wordt de eigenaar hiervan op de hoogte gebracht d.m.v. een registratieattest. Opname in de inventaris betekent dat er een heffing moet betaald worden. Deze wordt ingevoerd vanaf het kalenderjaar dat volgt op de tweede opeenvolgende registratie in de inventaris.